Digitaal arbeidsdeskundig onderzoek: Innovatie of tuchtrechtelijk risico?

De recente uitspraak van het Arbeidsdeskundig Tuchtcollege (zaak AT 25/82) heeft voor een flinke schokgolf gezorgd binnen ons vakgebied. De SRA (Stichting Register Arbeidsdeskundigen) reageerde snel met het standpunt dat een onderzoek “bij voorkeur altijd fysiek” moet plaatsvinden. Hoewel zorgvuldigheid de absolute hoeksteen van ons beroep is, schiet deze reflexmatige afwijzing van digitaal onderzoek zijn doel voorbij. Het lijkt erop dat een specifieke casus vol cumulatieve fouten wordt gebruikt om een moderne, efficiënte werkwijze in de ban te doen.

Is het vasthouden aan de fysieke norm een teken van professionaliteit, of simpelweg het niet meegaan met de tijd?

De nuance in de tuchtuitspraak: Beeldbellen was niet de enige zonde

Wie de uitspraak AT 25/82 goed analyseert, ziet dat het beeldbellen slechts het topje van de ijsberg was. De betreffende arbeidsdeskundige kreeg een berisping vanwege een opeenstapeling van ernstige tekortkomingen:

  • Gebrekkige verificatie: Het klakkeloos overnemen van werkgeversinformatie zonder de inbreng van de werknemer te toetsen.
  • Automatisering boven professionaliteit: Het systeem rapporten “automatisch” definitief laten maken zonder correcties van de cliënt te verwerken.
  • Onprofessionele bejegening: Respectloze uitlatingen (“Hou je mond”) en een gebrek aan culturele sensitiviteit.

Kortom: de kwaliteit van het onderzoek rammelde aan alle kanten. Dat dit via beeldbellen gebeurde, maakte de afstand groter, maar de kern van het probleem was een gebrek aan professionele zorgvuldigheid en reflectie, niet het medium zelf.

De illusie van de 100% objectieve fysieke observatie

Een veelgehoord argument is dat je “op locatie de situatie echt kunt proeven”. Natuurlijk heeft een bedrijfsbezoek waarde, maar laten we eerlijk zijn: elk arbeidsdeskundig onderzoek is een momentopname.

Zelfs als ik bij een huishoudelijk medewerker thuis ga kijken, zie ik slechts een fractie van de dagelijkse realiteit. Een observatie van een uur is nooit volledig dekkend en is net zo goed onderhevig aan bias als een gesprek via een scherm. Wel ben ik van mening dat je de klant waar je het onderzoek doet goed moet kennen en het beroep wat je analyseert.

Onze toetsing is gebaseerd op de geldende normen in relatie tot de vastgestelde beperkingen (FML), niet enkel op wat we die specifieke dinsdagochtend waarnemen. De waarheid ligt vaak in het midden van wat de werkgever en de werknemer inventariseren. Of die inventarisatie nu aan een keukentafel of via een HD-scherm plaatsvindt, de kritische blik van de deskundige is de bepalende factor. Heb je niet genoeg informatie vooraf, tijdens of na je onderzoek ontvangen? Dan moet je jezelf afvragen of je genoeg hebt gedaan aan waarheidsvinding.

Waarom digitaal juist wél kan (en soms moet)

In een wereld die digitaliseert, robotiseert en verduurzaamt (de ‘groene agenda’), is het verplicht rondrijden door het hele land voor elke kantoorbaan niet meer van deze tijd. Digitaal onderzoek biedt significante voordelen:

  1. Lagere belasting voor de cliënt: Voor iemand met zware vermoeidheidsklachten of angststoornissen is een fysiek consult vaak een enorme drempel. Online kan in de eigen vertrouwde omgeving.
  2. Snelheid: De huidige wachtlijsten in de zorg en bij arbovoorzieningen zijn lang. Online werken verkort de doorlooptijd van re-integratietrajecten aanzienlijk.
  3. Focus op de inhoud: Bij een zittend beroep voegt het fysiek zien van een verstelbare bureaustoel weinig toe aan de objectieve beoordeling van de belastbaarheid.

Prgramatisme en kwaliteit hand in hand

Betekent dit dat alles voortaan online moet? Zeker niet. Zorgvuldigheid staat altijd voorop. Wij hanteren daarom een pragmatische maar strikte maatstaf:

“Wij garanderen een kwalitatief hoogwaardig onderzoek. Het hoofddoel is dat de situatie objectief beoordeeld kan worden. Bij de minste twijfel over de objectiviteit of de complexiteit van de werkomgeving, vindt het onderzoek altijd op locatie plaats.”

Waarom online arbeidsdeskundig onderzoek de toekomst is (en moet zijn)

Terwijl de beroepsverenigingen vasthouden aan fysieke bezoeken als de “gouden standaard”, kampt de sector met enorme wachtlijsten, een chronisch tekort aan deskundigen en een groeiende CO2-voetafdruk. Het is tijd om de discussie te verleggen van “mag het?” naar “hoe zetten we het slim in?”. Online onderzoek is niet alleen een alternatief; het is in veel gevallen de betere oplossing.

De oplossing voor ondercapaciteit en kosten

De arbeidsdeskundige sector staat onder druk. De tekorten leiden tot vertragingen in re-integratietrajecten, wat schadelijk is voor zowel werkgever als werknemer. Online onderzoek tackelt dit direct:

  • Geen reistijd is meer effectieve tijd: Waar een arbeidsdeskundige voorheen twee bezoeken per dag kon doen inclusief reistijd, kunnen er online drie of vier kwalitatieve onderzoeken plaatsvinden. Dit verhoogt de capaciteit in de branche zonder aan kwaliteit in te boeten.
  • Toegankelijkheid van her-onderzoek: Een her-onderzoek na zes maanden wordt nu vaak overgeslagen omdat de kosten (vaak rond de €1.000 – €1.400) niet opwegen tegen de korte resterende looptijd. Door online te werken, kunnen we de kosten drukken, waardoor vinger-aan-de-pols trajecten weer betaalbaar en rendabel worden.
  • Duurzaamheid: In het kader van de ‘groene agenda’ is het onverdedigbaar om voor een kantoorbaan-beoordeling 150 kilometer te rijden. Online werken bespaart duizenden onnodige kilometers per jaar.

De drempel verlagen voor de werknemer

Voor een zieke werknemer is een fysiek bezoek vaak een stressfactor. Iemand met mentale klachten, burn-out of ernstige vermoeidheid moet zich “opladen” voor een vreemde in huis of een rit naar een kantoor. Online onderzoek vindt plaats in de veilige, eigen omgeving. Dit zorgt vaak voor een opener gesprek en minder fysieke belasting, waardoor de werknemer beter in staat is om de feitelijke situatie toe te lichten.

Waar zit de échte ruis? De rol van de bedrijfsarts

Als we de tuchtzaak AT 25/82 en vergelijkbare casussen diepgaand analyseren, zien we dat de schoen vaak ergens anders wringt: het medisch voorveld. Het probleem is zelden de wijze waarop de arbeidsdeskundige de vragen stelt, maar de basis waarop hij moet bouwen. Online consulten door de bedrijfsarts leiden vaker tot een gebrek aan een gedegen objectiviteitstoets van de klachten.

Wanneer een bedrijfsarts puur op basis van beeldbellen een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) opstelt zonder fysiek onderzoek bij klachten die dat wel vereisen, staat de arbeidsdeskundige al met 1-0 achter.

De arbeidsdeskundige wordt vervolgens afgerekend op een “gebrekkige verificatie”, terwijl de bron (de medische beperking) al onvoldoende getoetst was. In de bewuste tuchtzaak zagen we dit ook: een onkritische overname van een foutieve FML. De focus moet dus niet liggen op het verbieden van online AD-onderzoek, maar op de kwaliteit van de medische onderbouwing die eraan voorafgaat.

Het is spijtig dat de beroepsvereniging en de Stichting Register Arbeidsdeskundigen zich lijken in te graven in oude dogma’s naar aanleiding van één ontspoorde casus. Een arbeidsdeskundige die zijn vak verstaat, kan ook via beeldbellen de juiste vragen stellen, doorvragen bij tegenstrijdigheden en een zorgvuldige afweging maken.

Advies nodig over de juiste route?

Wij weigeren mee te gaan in de ‘mainstream’ gedachte dat fysiek contact de enige weg naar kwaliteit is. Wij kijken naar wat de mens én de casus nodig hebben. Onze prioriteit is het vlotmaken van de re-integratie op een eerlijke, objectieve en moderne manier.

Conclusie: De beroepsgroep moet vooruit

Laten we stoppen met de discussie over het middel en het weer gaan hebben over de inhoud. Professionaliteit zit in je kritische houding, je verificatieplicht en je respectvolle bejegening — niet in de kilometers die je op de teller zet.

Zullen we een (online) kennismaking inplannen om te kijken hoe wij uw organisatie kunnen helpen met pragmatisch en zorgvuldig arbeidsdeskundig advies?

Direct meer informatie?

Niels, Medisch arbeidsdeskundige